Bacterievuur

Gepubliceerd op  maandag 10 aug 2026 om 11:08 uur

Bacterievuur, ook wel perenvuur genoemd, is een bacteriële plantenziekte die grote schade kan veroorzaken in de fruitteelt. Zonder tijdig ingrijpen kan een ernstige besmetting leiden tot het rooien van volledige boomgaarden. De bacterie kan zich niet alleen verspreiden via fruitbomen, maar ook via andere planten uit de rozenfamilie, de zogenaamde waardplanten. Op deze planten kan de bacterie overleven en zich verder verspreiden. Daarom vind je ze niet alleen terug in fruitboomgaarden en boomkwekerijen, maar ook in parken, natuurdomeinen en particuliere tuinen. Waakzaamheid en snelle actie zijn daarom essentieel. Alleen samen kunnen we bacterievuur onder controle houden!

HOE HERKEN JE BACTERIEVUUR?

Voorjaar

• Bruinzwarte verkleuring, verwelking en verschrompeling van bloesems, bladeren, twijgen en vruchten. Het lijkt alsof ze door vuur verschroeid werden.
• Zieke twijgen hangen slap aan de boom. De top van de scheut krult om zoals een herdersstaf.
• Aanwezigheid van slijmdruppels op aangetaste plantendelen.

Najaar

• Het zieke schorsweefsel van grotere takken en de stam verkleurt donkerpaars.
• Bij het aansnijden van de schors is een roodbruine verkleuring zichtbaar van het onderliggende weefsel.

HOE BACTERIEVUUR VERMIJDEN?

Controleer je planten regelmatig

Bacterievuur kan zich snel verspreiden en ook andere planten aantasten. Controleer daarom je planten regelmatig van begin april tot eind augustus.

Wees extra waakzaam bij risicoweer

Vooral bij vochtig weer en temperaturen tussen 18 en 24 °C is het risico op infectie groot. Ook warm en broeierig zomerweer, onweders en hagelbuien kunnen uitbraken van bacterievuur in de hand werken.

Onderhoud waardplanten met regelmatige snoei

Ook wanneer planten niet geïnfecteerd zijn, helpt regelmatig snoeien om de kans op bacterievuur te verkleinen.

Snoei bij voorkeur in de winter

Snoei tussen november en maart, wanneer de planten in rust zijn. Bij zomersnoei is de kans op verspreiding groter en zijn snoeiwonden gevoeliger voor besmetting.

WAT DOE JE BIJ EEN INFECTIE?

1. BESTRIJD ELKE ZIEKTEHAARD

Snoei aangetaste delen ruim weg

Snoei altijd tot minstens 50 cm onder de overgang van ziek naar gezond weefsel, of snoei terug tot onderaan de laatste zijtakken. Deze laatste aanpak pas je best toe na 21 juni, wanneer de sapstroom in de plant neerwaarts gericht is.

Snoei niet bij regenweer

Bij regen zijn infecties moeilijker te herkennen en is het risico op verdere verspreiding en nieuwe infecties groter.

Is de aantasting te zwaar?

Verwijder dan de volledige plant. Voor bomen, houtkanten en meidoorn is daarvoor een rooivergunning nodig.

2. ONTSMET SNOEIMATERIAAL

Ontsmet regelmatig tijdens het snoeien

Gebruik bleekwater of Dettol in een maximale verdunning van 1 op 10. Breng dit aan met een plantenverstuiver. Verstuif regelmatig op je handen, snoeischaar of snoeizaag telkens voordat je een andere plant snoeit.

Ontsmet ook snoeiwonden

Wonden die ontstaan tijdens het snoeien of doorzagen ontsmet je op dezelfde manier. Zo verklein je het risico op verdere besmetting via verse wonden.

3. VERWIJDER GEÏNFECTEERD SNOEIAFVAL SNEL

Verbranden ter plaatse is de meest doeltreffende manier om de bacterie te doden. Meld dit steeds bij de Milieudienst via milieudienst@halen.be. Meer informatie vind je op www.vmm.be. Verwittig ook steeds de lokale brandweer of politie.

Is verbranden niet mogelijk?

Dek het snoeiafval af met een zeil en ontsmet het nadien. Bied de takken vervolgens in een volledig afgesloten verpakking aan bij het restafval. Voor grote hoeveelheden neem je best contact op met de stad.

Let op:

• Composteren is niet toegestaan.
• Versnipperen is niet toegestaan.
• Vermijd dat weggesnoeid hout in contact komt met gezonde planten of plantendelen.

Bacterievuur melden doe je altijd via: milieudienst@halen.be
EN https://app.bacterievuur.be/registreren
Meer info: https://www.bacterievuur.be/
011 23 74 38 - bacterievuur@limburg.be

Naar top